AGH
Bij Artistieke Gymnastiek Heren (AGH) turnen jongens aan zes verschillende toestellen. Deze olympische discipline wordt ook wel toestelturnen genoemd.
Aangezien de variatie in lichaamsbewegingen zo variërend is wordt AGH gezien als een van de meest complete sporten. AGH gymnasten zijn typisch gespierd, lenig en explosief.
Bij de meerkampcompetitie turnen de gymnasten eerst een oefening van salto- en schroefcombinaties op een verende vierkante vloer. Het tweede toestel is het paard met bogen waar de gymnast zijn evenwicht op de proef gesteld wordt.
De meest gekende beweging is 'de kreits'. Dit is een cirkelbeweging in het horizontale vlak waar de gymnast afzonderlijk op beide handen steunt terwijl de rest van het lichaam 'rondzweeft'.
Het volgende toestel is voor de echte krachtpatsers. Iedereen herkent wel het beeld van de gespierde man die in een kruishang aan de ringen hangt.
Maar er worden ook zwaaibewegingen en een spectaculaire afsprong geturnd. Het vierde toestel is de sprong waarbij de gymnast na een 25 meter lange aanloop een complexe sprong maakt die met een perfecte landing beëindigd moet worden. De herenbrug bestaat uit twee horizontale houten leggers waar er afwisselend steun- en hangbewegingen worden aan uitgevoerd.
 Als laatste proef is er dan het koninginnennummer rek. Veelvuldige rotaties worden gemaakt rond een metalen stok waarbij er verschillende keren over het rek gevlogen wordt. Bij dit spectaculaire toestel wordt de precisie op de proef gesteld. Als de timing niet perfect is kan de rekstok niet gegrepen worden waardoor de gymnast het toestel moet verlaten.
 De gymnastiek die uiteindelijk de mooiste oefeningen kan combineren met een hoge moeilijkheid wint de meerkamp.